Plantadvies

BELANGRIJKE REGELS
De planttijd: Die begint wanneer de vorst uit de grond is (meestal eind februari) en kan voor de sterkere soorten doorgaan tot de late herfst. Geef wel wat extra winterbescherming met blad of stro. De planten worden geleverd in potten en kunnen in principe het hele groeiseizoen geplant worden.
De groeiplaats: Het beste staat een bamboe op een tegen de noorden- en oostenwind beschutte plaats in goed doorlatende, humusrijke grond. Niet te droog maar ook niet te nat (geen natte voeten).
Het uitplanten en water geven: Voor het planten moet de wortelkluit goed in water gedompeld worden. Na het planten is overvloedig water geven belangrijk, zeker in een droge periode moet dit regelmatig herhaald worden totdat de wortels van de kluit goed contact met de grond gemaakt hebben. Met tussenpozen door en door water geven is beter dan elke dag een klein beetje, de wortels mogen namelijk niet uitdrogen en moeten tijd hebben om uit de kluit te groeien. Eenmaal aangegroeid houd bamboe op tijd van water maar is dan minder kwetsbaar. Planten die groen en gezond de kwekerij verlaten en binnen enkele weken bruin worden hebben in 99 % van de gevallen te weinig water gekregen, hiervoor neemt de kwekerij geen verantwoording.
Wortelbegrenzer (rhizoombarričre): In kleine tuinen is een barričre tegen de uitlopers van woekerende soorten belangrijk. Dit materiaal is op de kwekerij verkrijgbaar. (zie: wortelbegrenzer)
Het snoeien: Het wegsnoeien van zwakke, dunne en oude stengels bevordert een forsere groei en geeft de ondergroei meer licht. De beste tijd hiervoor is februari/maart. (zie publicaties: De snoei) 
Bemesten: Bamboes houden van humusrijke grond. Voor het planten moet de bodem goed voorbereid worden en hiervoor kan eigengemaakte compost, oude paardenmest of gekochte tuincompost gebruikt worden. Zeker wanneer de grond arm is en er toch een reuzengroei verwacht wordt mogen deze meststoffen ruim door de bestaande grond gemengd worden. 
Bijmesten gaat het gemakkelijkst met organische meststoffen in korrelvorm zoals Culterra. 
Chemische mestkorrels raden wij af omdat de groei dan te veel gejaagd wordt. 
DE GROEI EN DE HOOGTE.
De meeste soorten krijgen in april, mei, juni of juli nieuwe scheuten. Deze scheuten hebben al meteen hun uiteindelijke dikte en groeien binnen twee maanden uit naar volwassen halmen. 

Al naar gelang de soort is dat bij Pleioblastus pygmaeus tot 30 cm en soms wel tot 10 meter bij Phyllostachys vivax. Daarna vertakken ze zich en vormen blad maar worden niet meer hoger of dikker. De scheuten van het daarop volgende groeiseizoen kunnen wel weer dikker en hoger worden tot de plant volwassen is. Veel soorten hebben in de herfst nog een nagroei, dit zijn meestal dunnere kromme halmen en die kunnen zonder probleem afgesnoeid worden. 

Bij de woekerende soorten begint de groei van de horizontale wortelstokken, de rhizomen, in de nazomer.
Bij ons varieert de hoogte van 30 cm tot maximaal 12 meter. In Zuid-Frankrijk halen sommige soorten gemakkelijk 20 meter. 

De stengel heeft al meteen zijn definitieve dikte, de halmhoogte wordt in 2 tot 4 maanden bereikt en de maximum soorthoogte wordt in 3 tot 10 jaar bereikt.  (zie publicaties: De zomer)

WINTERHARD EN WINTERGROEN.
De minimum temperatuur waarbij een bamboe in de winter het blad of alleen de bladknoppen behoudt is niet per soort aan te geven. Sommige soorten zijn goed wintergroen tot - 15°C maar bevriezen bij - 18°C. Andere bamboes zoals Fargesia nitida en Fargesia sp. Jiuzhaigou zijn maar half wintergroen en rollen hun blad op bij vorst, zon en een lage luchtvochtigheid maar zijn we winterhard tot meer dan - 20°C. Fargesia murieliae, Fargesia denudata en Fargesia ‘Rufa’zijn in de regel meer wintergroen. Er zijn zelfs geheel bladverliezende en toch goed winterharde soorten. Sommige lagere soorten zijn boven de grond vorstgevoelig. Met terugsnoei in het voorjaar stimuleert men de frisse nieuwe groei. Voor de hogere soorten gelden dezelfde regels voor winterhardheid als voor houtige gewassen. Om uit te groeien tot een volwassen plant moet het bovengrondse deel tegen onze winters opgewassen zijn. Niet winterhard zijn de soorten die alleen overleven wanneer de temperatuur niet of nauwelijks beneden het vriespunt daalt (0 tot - 8°C). Matig winterharde zijn de soorten die voor kortere perioden temperaturen verdragen tussen - 8 en -15°C. Goed winterhard geldt voor de hogere soorten die boven de grond met of zonder bladschade -15 tot -20°C. overleven. Zeer winterharde soorten overleven bovengronds temperaturen tussen de - 20 en - 25°C , maar meestal is het blad niet tegen zulke lage temperaturen bestand. 

Bladwissel bij Fargesia murieliae.

HAGEN EN AFSCHEIDINGEN.
Bamboe leent zich uitstekend voor wintergroene hagen en beplantingen om lelijke gebouwen of buren het hele jaar door aan het zicht te onttrekken. Er is een keuze uit diverse hoogten en soorten. 
De gemakkelijkste groep voor middelhoge hagen zijn de niet woekerende Fargesia's. Deze kunnen van 1 tot 4 meter hoog worden, afhankelijk van de soort. Zonder begrenzing moet er rekening gehouden worden met een minimale breedte van 1 meter. Enkele soorten kunnen zonnig staan. De rest groeit beter in halfschaduw tot schaduw.
Snel groeiende hogere hagen kunnen gemaakt worden van de meest winterharde en opgaande Phyllostachys of Semiarundinaria soorten. Afhankelijk van de soort kan hiermee een hoogte van 4 tot 8 meter bereikt worden. Bij weinig ruimte is het gebruik van rhizoombarričre (wortelbegrenzer) aan te raden. Men moet uitgaan van een minimale breedte ongeveer 1 meter. Om de paar jaar moeten de oudere en lelijke halmen weggesnoeid worden.
Voor een goed advies en aangepaste soortkeuze kunt u beter contact opnemen met de kwekerij. Wij adviseren nooit de vorstgevoelige Phyllostachys aurea !
DE BLOEI.
Bloeit een bamboe, dan breekt er meestal een moeilijke tijd aan. Voor de niet woekerende soorten betekent dit het einde van de plant, maar woekerende bamboes kunnen zich gemakkelijker herstellen. De bloeicyclus wisselt per soort van een paar jaar tot 120 jaar of langer. Alle planten van een soort met dezelfde genetische blauwdruk gaan dan binnen een kort tijdsbestek bloeien. Uitzondering is de sporadische bloei waarbij de bloei zich beperkt tot enkele halmen of planten maar de soort gespaard blijft. 
De bloei van Fargesia murieliae is nagenoeg voorbij. De nieuwe generatie van zaailingen, die nu overal onder de meest uiteenlopende fantasienamen worden aangeboden, zijn zeer wisselend in groeikracht en groeihoogte. Daarom wordt de soort op de kwekerij alleen vertegenwoordigd door enkele selecties uit die zaailingen waarvan we de groei-eigenschappen kennen. We nemen aan dat deze de eerste 80 tot 100 jaar niet gaan bloeien. 
Door de aankomende bloei van Fargesia nitida en de variëteiten hiervan is deze soort niet meer verkrijgbaar. Deze plaats wordt momenteel ingenomen door de op nitida gelijkende en bloeiveilige Fargesia species Jiuzhaigou, de goede zaailingen van Fargesia murieliae en de vormen van Fargesia denudata. (Zie: Artikel)
Door vermenging met de oude generatie is Fargesia murieliae ‘Kranich’ weer uit de verkoop genomen. 
Het risico van de niet te voorspellen bloei ligt bij de koper. 
(zie publicaties: Fargesia nitida bloeit !!!!!!) 
Op bepaalde soorten geven wij bloeigarantie. 
NIET WOEKEREND EN WOEKERENDE SOORTEN. 
Er zijn twee typen winterharde bamboes: Niet woekerende en woekerende soorten.
Niet woekerende soorten blijven goed tot redelijk goed op hun plaats, vormen nooit ondergrondse uitlopers en zijn daarom geen bedreiging voor folievijvers, bestrating of buren. Bij de goed winterharde bamboesoorten vindt men dit groeitype alleen bij het geslacht Fargesia. Deze bamboes uit de bergen van midden-China zijn meestal te herkennen aan de vrij dunne halmen en het fijne blad. De nieuwe halmen komen steeds weer dicht bij de oorspronkelijke plant uit de grond. In kleine tuinen, voor wintergroene hagen en bij folievijvers is dit type de beste keuze. 
Winterharde woekerende soorten maken ondergrondse uitlopers en hierbij moet men rekening houden met een min of meer grote ondergrondse uitbreidingdrang. Tot deze grote groep behoren alle bamboes met dikkere halmen: Phyllostachys en Semiarundinaria, alle soorten met grote bladeren zoals Indocalamus, Pseudosasa, Sasa, Sasaella en alle lagere groeitypen als Pleioblastus, Sasa en Sasaella. 
Video: Groei woekerende bamboe
WORTELBEGRENZER  (rhizoombarričre)
Op de kwekerij wordt een  wortelbegrenzer aangeboden van 55 cm hoog. Voor enkele soorten (Sasa palmata !) adviseren we 65 cm. Deze 1 mm dikke polyethyleen folie is voor de uitlopers van de woekerende soorten ondoordringbaar maar is toch soepel en weersbestendig.
Voor een middelhoge bamboe (4 tot 7 meter) moet er minimaal 2 vierkante meter aan humusrijke grond gereserveerd worden voor de echt hoge soorten is het drie tot vijfvoudige nodig. 
Hieromheen moet de wortelbegrenzer ingegraven worden die twee cm boven de grond moet uitsteken om te voorkomen dat de net onder de oppervlakte groeiende uitlopers ongezien ontsnappen. Controleer minstens twee keer per jaar of de rhizomen er niet overheen gaan.
Bij goed gebruik is deze wortelbegrenzer de veiligste manier om bamboe op zijn plaats te houden.Door regelmatig de dunnere en oude halmen weg te snoeien moet het bovengrondse deel van de plant in evenwicht gehouden worden met de wortels. Een bamboe met 10 tot 15 gezonde halmen op een vierkante meter is vaak mooier dan een dichte verwarde bos.
De kwekerij kan echter geen 100 % garantie geven omdat in sommige gevallen door locale factoren of onkundig gebruik van het materiaal de bamboe alsnog kan ontsnappen. Wij nemen hiervoor geen verantwoordelijkheid. De  wortelbegrenzer is op de kwekerij te koop.
Hoogte 55 cm en 1 mm dik € 2.75 per meter.
Hoogte 65 cm en 1 mm dik € 3.25 per meter.
(inclusief 19 % BTW)